5 onmisbare voedingsstoffen om meer energie te krijgen


Een gebrek aan energie, snaaibuien en overgewicht. Meestal gaan deze klachten hand in hand. Dat is niet zo gek ook, want samen zijn ze vaak het gevolg van een verstoorde bloedsuikerspiegel.

Glucose & insuline storing


Wat houdt zo’n verstoorde bloedsuikerspiegel (het glucose gehalte in je bloed) in? Nou, eigenlijk van alles. Het kan gaan om te veel glucose in je bloed (hyperglykemie, oftewel een verhoogde bloedsuikerspiegel). Ook het tegenovergestelde is mogelijk, een hypoglykemie, te weinig glucose in je bloed dus.

Daarnaast speelt de hoeveelheid insuline hierbij een rol. Insuline is het hormoon dat er voor zorgt dat glucose in je cellen opgenomen kan worden. In die cel kan van glucose energie gemaakt worden.

Ook hier kan het gaan om een tekort of juist een overschot. Dus hypoinsulinemie (tekort aan insuline) of hyperinsulinemie (te veel aan insuline).

Bij de klachten gebrek aan energie, snaaibuien en overgewicht is er vaak sprake van afwisselend een te hoge en te lage bloedsuikerspiegel. Dit in combinatie met te hoge insuline waardes.

Insuline resistentie


Deze combinatie wordt ook wel insuline resistentie genoemd. Kortweg houdt het in dat je wel insuline aanmaakt, maar dat je cellen er ongevoelig voor zijn. Insuline geeft normaal gesproken het signaal: open de cel en neem de glucose op.

Bij insuline resistentie is er dus wel insuline. Er is ook glucose. Alleen de cel ontvangt het signaal van insuline niet goed. Met als gevolg dat er minder glucose opgenomen kan worden. Bij minder glucoseopname kan je ook minder energie aanmaken – Je hebt dus weinig energie.

Het overtollige glucose (wat dus niet de cel in kan) wordt vervolgens omgezet en opgeslagen als vetweefsel – je komt dus aan in gewicht.

5 belangrijke voedingstoffen


Bij dit hele glucose en insulineverhaal is er een aantal stofjes dat je kan helpen:

Alfa-liponzuur – helpt bij het verbranden van glucose. Je vindt het o.a. in orgaanvlees, spinazie, broccoli en tomaat.

Chroom – zorgt voor een betere werking van insuline. Dit spoorelement kan je vinden in: eigeel, fruitsoorten (abrikozen, ananas, citrusvruchten, druiven, frambozen, kersen, dadels), noten (paranoten, hazelnoten), sesamzaad, cacao en cacaoproducten, uien en slasoorten

Vitamine D – zorgt ervoor dat insuline beter aan de celwand hecht, waardoor het insuline signaal beter wordt. Vitamine D zit in kleine hoeveelheden is vislever(traan), vette vis en eigeel. De enige manier om te zorgen voor genoeg vitamine D aanmaak is zonlicht.

Omega-3 – net als vitamine D zorgt dit voor een betere hechting en dus werking van insuline. Dit vetzuur zit o.a. in vette vis, schaal- en schelpdieren en zeewieren. Je vindt het ook in noten en zaden, maar deze kunnen niet tippen aan de zeeproducten.

Zink – is misschien wel de belangrijkste. Zorgt voor de aanmaak, transport en opslag van insuline. Zink zit met name in schaal- en schelpdieren. In mindere mate in vis, zeewieren en ei. Daarnaast is het in nog mindere mate aanwezig in vlees en in groentes (broccoli, ui, asperge, aubergine, spruiten, pompoenpitten, sesamzaadjes).

Zink is ook nodig bij de aanmaak van maagzuur, dus als je regelmatig een zwaar gevoel hebt op je maag of oprispingen is zink een extra aandachtspunt.

Insuline resistentie test